Projectomschrijving

Paleis Lange Voorhout (Escher Paleis)
Pieter de Swarte
Den Haag – 1764

foto-escher-2

terug3

Escher Paleis – Kootjes, ooghoeken

A – Die ‘Hij’, in die tekst, lijkt me Escher.
B – Het is alsof hij materie in eigen staart laat bijten. Het stoffelijke wordt onmogelijk. Iets concreets als een vogel of een vis vervormt tot een dubbelzinnige vogelvis… alsof hij materie van zichzelf wil ontdoen. Alsof hij niet wil bestaan, behalve in wat hij achterliet.
A – Hoho, da’s interpretatie. Dat zeg je misschien over jezelf?
Je bent er…
B- …yep, vlees en bloed en een doldwaze scheut bewustzijn.
A – Je bent er…
B – …in concreto:
Armen, nieren, alles volgroeid tot driedimensionale sterveling. Mijn neus plooit op een specifieke manier naar buiten. Mijn ziel plooit met een bepaalde vouw naar binnen.
A – Ja,
maar stop eens met die mooipraterij,
je bent er…
B – …bij mij welt dan taal op, met onderoksels zwemsel en een emotioneel getint hart, met kootjes, diverse ooghoeken en…
A – …maar stop eens met die mooipraterij,
je bent er…
B – …sommige dagen weet ik niet meer hoeveel eiig ik ben.
A – Één!
Gewoon ééneiig, doe niet zo raar. Wat is er mis met één?
Je roemt het Pantheon vanwege één gat.
B – Een tamelijk léég gat.
A – Je maakt een Escher Paleis met één venster.
B – Met tamelijk vormeloos uitzicht.
A – Waarom één?
B – Misschien, omdat ik ongeveer één iemand…
A – …jij bent EXACT één iemand…
B – …omdat ik één iets ben, voel ik me aangetrokken tot één gat of één raam of één verdwijnpunt.
Dat ene laat ik graag oningevuld.

I
k praat richting je gezicht,
het deel van je dat ademt.

A – Uhm, dát heeft met het Escher Paleis níets te maken.
B – Jawel!
Jij hebt altijd met alles te maken.
Kort samengevat houd ik een pleidooi voor ademhaling in zijn algemeenheid.